Reisfotografie

Foto's tussen de wijngaarden van Savoie- Mont Blanc

Bij de Franse Alpen denk je al gauw aan woeste bergtoppen, wintersportbestemmingen en natuurlijk de beroemde cols die worden beklommen in de Tour de France. Er wordt weleens vergeten dat buiten deze bekende A-locaties om, er ook zeer mooie gebieden te vinden zijn die vaak geheel ten onrechte, worden overgeslagen. In opdracht van Savoie Mont Blanc Toerisme mocht ik op verkenning in deze gebieden .

Video afspelen

Coeur De Savoie

Vanaf vliegveld Genève was het nog maar een uur en een kwartiertje rijden voordat ik arriveerde in Montmélian, hoofdstad van de gemeente Coeur de Savoie. Hier stond mijn hotel die de eerste 3 dagen als uitvalbasis zou fungeren. Vanuit Montmélian zou ik elk gebiedje in Coeur de Savoie makkelijk kunnen bereiken zodat ik op de juiste tijdstippen op de gewenste plekken kon zijn. Coeur de Savoie is een gemeente die is gelegen in de Chambery- vallei in de Franse voor-Alpen die wordt doorkruist door de rivier de Isère. In het westen grenst het gebied aan het Chartreuse gebergte en het Bauges -massief markeert de grens in het Noorden. Coeur de Savoie staat bekend om zijn wijngaarden waar stuk voor stuk zeer hoogwaardige wijnen worden geproduceerd. De belangrijkste wijngaarden tref je o.a. bij Chignin, Apremont, Cruet, Saint-Pierre-d’Albigny en Myans. Deze wijngaarden zijn samen met de indrukwekkende bergtoppen erg kenmerkend voor het landschap van de regio. 

Chignin
De eerste middag reed ik direct naar de plek waar ik me het meest op had verheugd; de wijnbergen van Chignin. Van een afstandje je de uit de Middeleeuwen stammende torens al duidelijk zien liggen. Deze waaktorens zijn het bewijs dat er op deze exacte plek ooit een vestingsstad heeft gestaan. Niet zo’n gekke plek want vanaf de heuvels van Chignin heb je een panoramisch uitzicht over nagenoeg de hele Chambery-vallei. In potentie dus gelijk ook een mooie locatie om de zonsondergang te fotograferen. Kijkend vanuit Chignin, gaat de zon onder achter de bekendste berg van het gebied, namelijk Mont Granier. Laat ik meteen eventjes de geschiedenis van Mont Granier vertellen. De grillig uitziende top van deze berg verraad zijn turbulente verleden; de noordzijde van de berg is sinds 25 november van 1248 een steile bergwand van ongeveer 900 meter. Tijdens de nacht van 24- op 25 november vond er een verschikkelijke ramp plaats en stortte een groot deel van de berg naar beneden. Naar schatting zo’n 500 miljoen m³ aan steenmassa. 5 dorpen werden in zijn geheel, en 2 gedeeltelijk verwoest. 5000 mensen kwamen om het leven. Hiermee is het tot op de dag van vandaag de grootste ramp van een bergstorting in Europa ooit. 
Enfin, er bleef in ieder geval een indrukwekkend uitziende berg op en dus meteen een goed onderwerp om de zonsondergang te fotograferen. 

De meeste bladeren van de wijnstokken waren nog steeds groen van kleur, maar op sommige stukken waren al een aantal gele en oranje accenten te zien. Het gros van de druiven op Chignin was de week ervoor al geoogst. Boven de wijngaarden stak de spitse toren van Château d’Anthèlme uit. Toen de wolkenlucht iets opklaarde, kwamen enkele zonnestralen tevoorschijn en lichtte hier en daar wat plekken in de vallei op. Het was een goed begin van mijn week in Savoie. 

Château de Miolans
De volgende dag had ik afgesproken met de beheerder van Château de Miolans. Hij zou voor mij al vroeg de deuren kunnen openen zodat ik de zonsopkomst vanuit het kasteel zou kunnen meemaken. Château de Miolans is gesitueerd op een rots aan de voet van de imposante Arclusaz (2041 m) berg in het Bauges massief. Een strategische ligging die ook meteen verklaart waarom het kasteel voor een periode als gevangenis diende. Tegenwoordig is het kasteel nog steeds in privébezit, maar is het grootste gedeelte opengesteld voor publiek. Ik kan je beloven dat een bezoek de moeite waard is. Vanaf de hoogste en meest westelijk gelegen toren (Tour de Saint Pierre genaamd) heb je een grandioos uitzicht over de rest van het kasteel en een groot deel van de vallei. Natuurlijk maken de omringende bergtoppen het uitzicht compleet. Het zonnetje liet zich die ochtend aardig zien. In de verte reed een tractor tussen de wijngaarden. Na een aantal foto’s sneldde ik naar beneden in de hoop een aantal beelden van de druivenoogst te kunnen maken. De C-wegen die door de landerijen naar het dal kronkelden gaven na elke bocht weer een verrassend uitzicht. Er stonden 2 witte bestelbusjes in de berm geparkeerd en ik zag een zwarte hond tussen de rijen druivenstruiken doorrennen. Hier was de oogst aan de gang! Ik stapte op een groepje mannen af en vroeg in mijn zeer beperkte Frans of het ok was als ik een paar beelden schoot. “Oui, naturellement” antwoorde de wijnboer met het “I love beaujoulais t-shirt”. Op het laatst vroeg ik of iedereen nog even op de groepsfoto wilde. Toen ik aanstalte maakte om terug naar de auto te gaan werd vroeg de I love beaujoulais meneer of ik iets wilde drinken. Met een handgebaar werd dit duidelijk gemaakt en voor ik het wist had ik een plastic beker gevuld met lokale rode wijn in de hand.  

Château d'Anthèlme op de wijnbergen van Chignin
Wijnboerderij bij Apremont, aan de voet van Mont Granier
Chapelle Du Mont Saint Michel, gezien van Chignin
Het dorpje Cruet, gezien tijdens zonsopkomst vanuit het westen
Château de Miolans
Lac Saint-André met Mount Granier in de achtergrond
Druivenoogst in Cruet
Druivenoogst bij Cruet
Druivenoogst bij Cruet
Lunch na de oogst
Lunch na de oogst
Wijnboeren bij Cruet

Jongieux

Jongieux
De eerste dagen in Montmelian waren alweer ten einde gekomen en voor ik het wist was ik ingecheckt bij mijn nieuwe slaapplek in Auberge de Portout, direct gelegen aan het meer van Bourget. Dit nieuwe onderkomen lag perfect tussen mijn volgende bestemmingen, de wijngebieden Jongieux en Seyssel in. Vol verwachting bereidde ik een plan voor de komende 2 dagen voor. Op de buienradar app had ik gezien dat de weersomstandigheden de volgende ochtend nog weleens gunstig zouden kunnen uitpakken. Zoals altijd ging mijn wekkertje weer vroeg af en was het buiten nog pikkedonker. Van het licht dat uit de lataarnpaal scheen viel te zien dat het behoorlijk mistig was. Precies waar ik op had gehoopt! Nadat ik in recordtempo een dubbele koffie naar binnen had gewerkt, haastte ik mij naar de auto en zette ik mijn navigatie aan met bestemming Jongieux
Jongieux is een klein dorp met een schamele 300 inwoners ten westen van het meer van Bourget. Normaalgesproken zou je hier als toerist niet zoveel te zoeken hebben, zij het niet dat Jongieux is omringd door een aantal tot de verbeelding sprekende wijngaarden waar prachtige wijnen worden geproduceerd. Eyecatchers van het dorp zijn de elegante kerk, genaamd Èglise Saint-Maurice en het statige Château de La Mar. Beiden omringd door wijngaarden. Het was een mooi gezicht toen de mist iets optrok en kerktoren zich langzaam maar zeker liet zien. Ook hier klonken er tractors die zich schijnbaar bezighielden met de het oogsten van de laatste druiven. Het was zo’n ochtend. De dikke mist zorgde voor een surrealistische sfeer waar je als fotograaf steeds op hoopt, maar slechts zo nu en dan meemaakt. Na een aantal keren heen en weer te zijn gereden door en rond het centrumpje van Jongieux, vlogen de uren voorbij en trok de mist uiteindelijk langzaam weg. 

Jongieux
Jongieux
Château de La Mar in Jongieux
La Chapel St Romain in Jongieux
Druivenoogst in Jongieux
Druivenoogst in Jongieux
Jongieux in de mist

Seyssel en omgeving

Ik nam de toeristische route naar het hotel. In dit gedeelte van Frankrijk houdt dat vaak in dat je rekening moet houden met het passeren van een col of 2. Na enkele haarspeldbochten omhoog kwam ik bij een parkeerplaatsje uit die werkelijk een adembenemend uitzicht bood over het meer van Bourget. Tientallen meters onder mij was het bekendste bouwwerk van de hele streek te zien; de abdij van Hautecombe. Een indrukwekkend gebouw, direct gelegen aan de oevers van het meer van Bourget. De leden van  het koningshuis van Savoie (Een koninkrijk dat zich relatief pas laat aansloot bij Frankrijk) liggen hier grotendeels begraven, evenals de laatste koning van Italië, Umberto de 2e. Om die reden behoort de Abdij tot de meest toeristische bestemmingen van Savoie.  

de Abdij van Hautecombe
Lac de Bourget net na zonsondergang
Het glooiende landschap nabij Seyssel
Het glooiende landschap nabij Seyssel
Het glooiende landschap nabij Seyssel

Seyssel
Om het stadje Seyssel heen liggen ook een aantal mooie wijngebieden. Naarmate je vanaf Lac de Bourget richtig Seyssel rijdt zie je het bergachtige landschap langzaam veranderden in een heuvelachtig en glooiend landschap. Door de rivier de Rhône wordt het gebied in tweeën gespleten. Onderweg zijn links en rechts meerdere chateaux te spotten. De regio lijkt er bezaait mee te zijn. Het kasteel waarnaar ik opzoek was bleek helaas niet toegankelijk voor publiek. Ik besloot door te rijden naar het stadje Seyssel. Er was sprake van een goede wolkenlucht dus dat gaf wellicht wat mogelijkheden voor een mooie foto langs de Rhône. 

Schilderachtig Seyssel aan de Rhône
Chanaz aan het kanaal van Savières

Zeer de moeite waard in de buurt

De regio Savoie Mont Blanc is een walhalla van adembenemende vergezichten en landschappen. Zeg maar gerust een snoepwinkel voor iedere landschaps- en reisfotograaf. Het mooiste aan fotograferen in de bergen is dat je op relatief korte afstand je in een compleet ander landschap kun begeven. Vaak is het een kwestie van een bergpasje over rijden en je ziet een totaal ander beeld. Inclusief weersomstandigheden. Een mooi voorbeeld hiervan was de woensdag. Het kwam die dag met bakken tegelijk uit de hemel. Ik besloot richting de Mont Granier te rijden in de hoop dat het weer zou omslaan. Eenmaal aan de andere kant van de bergpas was ik gearriveerd in de Chartreuse. Het was droog en door het wolkendek was zowaar een bleek zonnetje te zien! Zo ontdekte ik geheel bij toeval dit prachtige gebied aan de andere kant van de Granier. Ik reed door tot Cirque de Saint-Meme, een spectaculair bergmassief dat de (natuurlijke) grens vormt tussen de departementen Isère en Savoie. Vanuit een grot in bovenin de rotsen stroomt een waterval die zich via 4 verschillende verdiepingen over een hoogte van 500 meter een weg naar beneden vindt. Wow. Deze watervallen zijn via wandelpaden met verschillende moeilijkheidsintensiteiten te bereiken.  
Een andere keer reed ik op goed geluk richting het zuiden van de Coeur de Savoie. Nadat ik pakweg 15 minuutjes met haarspeldbochtjes door een uitgestrekt bos was gereden, arriveerde ik op een parkeerplaats met een bescheiden aantal auto’s. Op een bord was ‘Val Pelouse‘ te lezen.  ‘Vanaf hier zou je wel een goed uitzicht moeten hebben’ – dacht ik. Het weer was prima -een graadje of 20, meen ik me te herinneren. Een goed moment om even de benen te strekken. Wat direct opviel was dat in tegenstelling tot het dal, hier de herfstkleuren al erg goed zichtbaar waren. ‘Waarschijnlijk om het hoger lag, en dus kouder is’ dacht ik. Tussen enkele pensionado’s met Nordic-walkingstokken vervolgde ik wandelend het rotspad naar boven. Achter een bomenrij verscheen uit het niets ineens een rij immens grote bergtoppen, voorzien van verse sneeuw. Wat een uitzicht! De andere kant op keek ik uit over de hele vallei. Een goed gekozen uitstapje!
Een andere tot de verbeelding sprekende plek die ik al langere tijd wilde bezoeken is het Château de Menthon Saint Bernard, gelegen aan een ander groot meer in Savoie, namelijk het meer van Annecy. Het was even zoeken naar de plek vanwaar ik dit haast surrealitische bouwwerk wilde fotograferen, maar uiteindelijk bleek het een vrij makkelijk te vinden locatie, naast een weg (met parkeerplaats). Ik ben iemand die meer waarde hecht aan het buitenaanzicht van een kasteel dan aan het daadwerkelijke bezoeken van het kasteel zelf. Toen de westzijde van het kasteel subtiel werd belicht door de ondergaande zon kreeg ik de foto waarop ik had gehoopt. 

Hiken bij Val Pelouse
Berghut bij Val Pelouse
Bergboerderijtje met schapen
Chateau de Menthon-Saint-Bernard
Stroomversnelling bij Cirque de Saint-Meme in de Chartreuse
De Mont Blanc tijdens zonsondergang gezien vanuit het westen

Dit spectaculaire deel van Frankrijk is een regio waar ik nog makkelijk een aantal weken had kunnen rondzwerven. Er is gewoon zo ontzettend veel te zien. Het agrarische leven in de dalen is erg contrastrijk met het ruige landschap in de bergen. Toch is het juist de combinatie van deze 2 ‘werelden’ wat ik kenmerkend vind aan Savoie.

Ben jij ook eens op pad geweest in de regio? Ik hoor graag hoe jij het hebt ervaren. Zijn er dingen en/of plekken die ik absoluut gemist heb? Vertel het mij in de comment sectie!